woensdag 1 november 2017
Psychiatrie assistentiehonden - de scepsis voorbij
‘Zelf opleiden van je eigen assistentiehond levert een positieve bijdrage aan het herstel van mensen met een psychische kwetsbaarheid.’ Deze stelling verdedigde Joop Mekke samen met Bultersmekke cursist Mirjam tijdens het congres ‘Multideskundigheid in de nieuwe GGZ’ op 31 oktober in De Reehorst in Ede. Zij kregen de handen in de zaal op elkaar. Joop Mekke: ‘Je kunt wel zien dat in delen van de geestelijke gezondheidszorg de scepsis over assistentiehonden aan het verdwijnen is.’

Het congres is een initiatief van het netwerk De Nieuwe GGZ: werkers in de geestelijke gezondheidszorg die onder meer streven naar multideskundigheid. Spil in het netwerk is wetenschapper Wilma Boevink. Zij werkt zelf met een assistentiehond binnen het programma van Bultersmekke Assistancedogs.

Multideskundigheid

De Nieuwe GGZ gaat ervan uit dat hulp bij psychisch lijden om betrokkenheid vraagt van zeer uiteenlopende deskundigheden: een samenwerking van cliënt, familieleden/naasten, professionals en ervaringsdeskundigen. Het vraagt om een open benadering, waarbij alle deskundigheden binnen de samenwerking een bijdrage kunnen en moeten leveren aan optimale zorg. Geen van de deskundigheden is op voorhand beter dan de andere, en geen van de deskundigheden mag worden verwaarloosd in het behandel- en herstelproces.

Het onder intensieve begeleiding zelf opleiden van een hond tot gecertificeerde assistentiehond door mensen met psychische kwetsbaarheid, is een vorm die goed binnen de benadering van De Nieuwe GGZ past. Uitgaan van de kracht van de cursist, de eigen regie en de verantwoordelijkheid om zelf voor een hond te zorgen, zijn volgens reacties uit de zaal ‘krachtige elementen in herstel en empowerment’.